Historische schets

De geschiedenis van de parochie Sint Anna-ten-Drieën begon in feite met een voorgeschiedenis. Het was de jonge priester J.C.A. Hanegraeff,die na aankoop van de 16de-eeuwse kapel op Sint-Anneke door zijn familie, de kapel in 1829 terug voor de eredienst openstelde en de godsvrucht voor het tijdens de Franse Revolutie verborgen beeld van Sint-Anna-ten-Drieën in eer herstelde.Hij werd in zijn ambt bekrachtigd als titelvoerend onderpastoor van de O.L.V.-parochie in Antwerpen (kathedraal).De bewoners van Sint-Anneke, die hem op handen droegen, betitelden hem als “onderpastoor en proost van Sint-Anneke op het Vlaams Hoofd.” Hij hield dit vol tot in 1865, toen zijn gezondheid het liet afweten.

In 1866 ontstond een protocol met de parochie in Zwijndrecht , een Reglement voor de kapel Sint-Anna onder Zwijndrecht. Er werd een kapelaan aangesteld, met verblijf op het Vlaams Hoofd, op kosten van de gemeenschap.
De erkenning als parochie komt er pas met een brief van Mgr Stillemans, bisschop van Gent,en met een stichtingsakte van begin februari 1893. De wettelijke bekrachtiging geschiedt op 22 februari 1893.
Nog een korte periode doet de 16de-eeuwse kapel dienst als parochiekerkje. Maar al in 1894 staat er een voorlopige kerk, samen met een pastorij, in 1905 gevolgd door een nieuwe volwaardige kerk in vroeg-gothische stijl met als patroonheiligen de HH. Anna &  Joachim.  Toch  duurt het nog tot in 1914 eer het kerkinterieur en het meubilair volledig waren ingericht.De voorlopige kerk zou nog vele jaren lang ten dienste staan van diverse parochiale behoeften.

Ondertussen was einde de 19e eeuw even buiten de dorpskern, in de nabijheid van de voor de kerk voorziene locatie, een klooster gebouwd door  Zusters van de Kindsheid Jezus met een kostschool voor jongentjes. De Zusters droegen ook zorg voor een parochiale meisjesschool in lokalen door de parochie ter beschikking gesteld.

De EersteWereldoorlog liep zonder grote schade af voor de parochiale infrastructuur, maar  tal van inwoners  sloegen op de vlucht  naar Zeeuws-Vlaanderen en velen  onder hen  keerden pas na afloop van de oorlog terug.De kerkklok werd door de bezetter opgeëist, maar kon toch gered worden.

De twee decennia tussen 1919 en 1939 beleeft Sint-Anneke een hoogsteigenaardige tijd. Van de ene kant kent alles zijn gewoon verloop. Van de andere kant volgen ingrijpende veranderingen mekaar op: de aanhechting bij  Antwerpen, de geleidelijke verdwijning van het typische landschapskader door de begonnen ophoging van de poldergronden, de ingebruikneming van de Imalso-tunnels, de leegloop en afbraak van woningen, de eerste tekenen van een megalomaan stadsontwerp.

Dat alles wordt in de jaren dertig nog  eens doorkruist door het verschijnsel dat de toegenomen vrije tijd van de Sinjoren de trek naar het Sint-Annastrand stimuleert. Dààr voltrekt zich een metamorfose van een verlaten oeverstrook naar een recreatiegebied.
Met overrompelend succes in een mum van tijd..Een ter plekke verleende concessie draait uit op wildbouw van meestal houten bouwsels met veelal vaste bewoners, die ook tot de parochie gaan behoren.

Het religieus gemeenschapsleven en het katholiek verenigingsleven verlopen grotendeels op traditionele wijze, een paar opmerkelijke initiatieven en de opbloei van de georganiseerde arbeidersjeugd niet te na gesproken. Voor het behoud van lager onderwijs met christelijk karakter moeten extra inspanningen gebeuren met o.a. de  herinrichting van een parochiale lagere jongensschool.

De opschietende werken voor de toekomstige verstedelijking en ook enkele overstromingsrampen doen in de jaren dertig de leegloop uit  de dorpskern (“de put” in de volksmond) toenemen. In 1936 spreekt men van nog maar twaalfhonderd inwoners.

Wereldoorlog  II  treft Sint-Anneke vrij erg. De kerk en een reeks gezinswoningen  zijn zwaar getroffen door “vliegende bommen” na de Bevrijding. In de dertig bewoners  bekopen het met hun leven. Sint-Anneke  komt  volledig geknakt uit de oorlog. Ook de kerkklok kon deze maal niet aan de opeising door de bezetter ontsnappen.  

Na de Bevrijding nemen de Predikheren of Dominicanen vijftien jaar de zorg over de Sint-Annaparochie op zich (1944-1959). In die relatief korte tijd verandert het uitzicht van Antwerpen-West compleet. Het vroegere dorp achter de Scheldedijk is in 1954 volledig gesloopt en de opgehoogde gronden zijn mee in het nieuwe stratenplan opgenomen.Alleen de parochiekerk blijft bestaan op niet opgehoogd niveau.

De paters Dominicanen bouwen in 1947 een klooster, richten een Studiecentrum voor Zielzorg op met de nodige accommodatie en zelfs een feestzaal. Ze hebben ondertussen de oorlogsschade aan de kerk laten herstellen en gaan die ook verfraaien met o.a. enkele nieuwe glasramen. Het stratenpatroon ziet er nu uit als één grote vlakte met hier en daar nieuwe huizen of een huizenrij, als de aanzet van een stadswijk in wording.

Drie opeenvolgende paters-pastoors, bijgestaan door confraters, slagen er in blijvers en nieuwelingen een coherent  parochiegevoel bij te brengen door veelzijdige initiatieven.
Parochiële afdelingen van christelijke sociale organisaties werken daar overtuigend aan mee. Ook inspanningen op cultureel en sportief gebied versterken de samenhorigheid, evenals bloeiende plaatselijke groepen van jeugdbewegingen (chiro en scouts).

Als onderdeel van hun parochiale werking zien de Dominicanen ook bijzondere opdrachten. We vermelden het creëren van een  passend onderdak voor het medisch opvolgen van  kleine kinderen, het mogelijk maken van betaalbare gezinswoningen, het opwaarderen  en uitbreiden van het plaatselijk katholiek onderwijs en het streven naar een hechte broederband met de geloofsgemeenschap op de afgelegen noordkant van de parochie.

In die optiek komen het St.-Thomasinstituut voor jongens en het Imelda Instituut  voor meisjes tot stand in 1953-1954. Het instituut voor jongens beheren de Dominicanen zelf tot in 1956, waarna het aartsbisdom het overneemt. De zusters Ursulinen van O.-L.-V.-Waver nemen het meisjesonderwijs op zich. Linkeroever biedt van dan af katholiek kleuteronderricht, lager en middelbaar onderwijs aan...

Ten behoeve van de gelovigen benoorden de toegang tot de wagentunnel en van het  Sint-Annastrand wordt met hun eigen inzet en onder de bezielende leiding van pater Quaghebuer, in 1954 een fraai ogend kerkje gebouwd, toegewijd aan O.-L.-V. ter Schelde. Een afzonderlijk bijgebouw doet eerst dienst als kleuterschooltje, maar zal later een parochiale functie krijgen.

In 1955  kon de St.-Annaparochie met moeizaam verworven middelen een eigen parochiehuis laten bouwen nabij de parochiekerk. Daarin kreeg ook de in 1922 opgerichte parochiale openbare bibliotheek een behoorlijk onderkomen. Ze zal van dan af een gestadige opgang kennen en zelfs nog haar tachtigste bestaanjaar halen.

Vanaf  10 april 1958 maakt de parochie deel uit van het aartsbisdom  Mechelen. In augustus 1959 verlaten de Dominicanen de Linkeroever en wordt weer een diocesaan priester, met name Albert Janssen, tot pastoor op Linkeroever benoemd.

De eerste twee diocesane priesters die na het vertrek van de Dominicanen opeenvolgend pastoor van de Sint-Annaparochie worden, zouden samen meer dan veertig jaar overbruggen, Albert Janssen van 1959 tot 1979 en Deo Rademakers van 1979 tot 2002.

Tijdens zijn ambtsperiode brengt pastoor Janssen de besluiten van het Tweede Vaticaans Concilie in toepassing en bereikt een toenemende betrokkenheid van de leken. Dat leidt naar een waaier van werkgroepen en een Parochieraad met welomschreven inspraak en deeltaken. Pastoor Janssen zal de laatste pastoor op Linkeroever zijn, die nog constant over een onderpastoor als directe medewerker kan beschikken.De laatste in die rij is Jan Van Gerven, die lang blijft en zodoende volledig vertrouwd geraakt met deze toch wel specifieke parochie.

Vanzelfsprekend is dat  Linkeroever tot het opnieuw opgerichte bisdom Antwerpen gaat behoren in 1962. De jaren zestig en zeventig kennen een spectaculaire aangroei van de bevolking tot ruim 15.OOO ingezetenen. Dat leidde eerstens tot de erkenning in 1963 van het gebied O.-L.-V. ter  Schelde als zelfstandige parochie en later, in 1974, tot de oprichting van een derde parochie, aan Sint-Lucas toegewijd, in de wijk Europark met vooral hoge appartementengebouwen en gelegen tussenin de beide andere parochies. 

Naast de drie passtoors (A.Janssen in Sint-Anna, F. Van Montfort in O.-L.-V. ter Schelde en Jules Brems in St.Lucas) zal Jan Van Gerven jeugdpastor worden voor de drie parochies. Hij gaat tevens de jongerenclub Jelinko bijstaan, die al sedert 1966 actief  was.
In 1967 moet de kerk uit 1905 toch worden afgebroken wegens de wateroverlast. De parochiale eredienst heeft dan drie jaar plaats in het Imelda Instituut.In november 1970 kan een nieuwe ruime, eigentijdse St.Annakerk, op een hoger grondniveau opgetrokken, met grote tevredenheid worden ingewijd. Het wordt meteen de tempel die op Linkeroever plaats kan bieden voor vieringen met een groot publiek en gastvrijheid kan verlenen voor concerten en soortgelijke evenementen. In de wijde omgeving  geraakt zij bekend als “de blauwe kerk.” Zij is ook gekenmerkt door haar doorzichtige kerktoren, die de klokken zichtbaar laat luiden. Ook haar kunstzinnige glasramen genieten ruime bekendheid.

Een betekenisvolle stap was in 1978 de installatie van  een bestendig parochiaal secretariaat in St. Anna, met navolging in de andere parochies. De drie parochies plegen geregeld overleg Dat  leidt  tot  een  “Parochieraad Linkeroever”, waarvan ook gemandateerden  van het katholiek onderwijs op Linkeroever (vanaf 1986 geconcentreerd in het Sint-Annacollege) deel uitmaken. In elke parochie ontstaat een parochieploeg of parochieteam, voor een bepaalde termijn door leden van de plaatselijke geloofsgemeen-
schap verkozen.

Wanneer in 1979 Deo Rademakers als pastoor in de St.Annaparochie aantreedt vormt hij samen met zijn voorganger  en met Jan Van Gerven een priesteréquipe voor de parochie. Ze houdt bijna zes jaar stand totdat J. Van Gerven elders als pastoor wordt aangesteld. A. Janssen blijft bijstand verlenen tot zijn opname in een rusthuis.  Alsmaar belangrijker worden uitbreidingsinitiatieven met o.a.in 1986 een bijkomend nieuw gebouw met variabele gebruiksruimten voor parochiale noden, ’t  Spieken genaamd.   

Die trend zet zich door bij de realisatie van doelgerichte nieuwe jeugdlokalen in 1992, in hoofdzaak bestemd voor de succesrijke parochiale  jeugdgroep PlePlo. Zeker moet nog melding worden gemaakt van het jubileumjaar 1993. De  St.Annaparochie bestond honderd jaar en dat werd het ganse jaar door  met tal van  evenementen gevierd. De kroon op het werk wordt een splinternieuwe polyvalente parochiezaal bij de aanvang van de nieuw eeuw.

Het territorium van de O.-L-V- ter  Schelde-parochie groeide uit tot  een riante woonwijk.Het St.Annastrand en zijn omgeving verdween niet, maar onderging een  grondige aanpassing. Frans Van Montfort werd er in 1963 de eerste pastoor en bleef dat tot in mei 1975 toen hij wegens een wankele gezondheid ontslag nam. In de beginperiode beschikte de parochie enkel over beperkte infrastructuur nabij het kerkje uit 1954, maar dat veranderde snel. Reeds in 1969 beschikte de parochie over een nieuw opgetrokken multifunctioneel  centrum voor activiteiten van  enige omvang nabij de Thonetlaan. F. Van Montfort werd van 1975 tot 1990 opgevolgd door Marcel Van Assche en nadien nog door Gilbert Caers.

De nog jongere Sint-Lucasparochie beschikte van bij de oprichting over een  bouwcomplex in het hart van de betrokken wijk met haar markante diversiteit aan bewoning. Het gebouw in kwestie is voor de ene helft ingericht als kerk en voor de andere helft als parochiezaal.

Wanneer zijn collega’s van de aanpalende parochies op rust zijn gegaan, wordt Deo  Rademakers nog bijkomend pastoor van eerst één en nadien zelfs nog voor korte tijd van beide andere parochies op Linkeroever.

Als pastoor van O.-L.-V. ter Schelde wordt hijzelf en de ganse locale geloofsgemeenschap in het voorjaar van 2000 geconfronteerd met het jammerlijk verdwijnen van de parochiekerk nabij het St.Annastrand door een verwoestende  brand.
Door deze ramp vallen de drie parochies terug op nog maar twee beschikbare kerken.

Einde mei 2002 gaat pastoor  Deo  Rademakers (overleden in 2012 in Mortsel) op welverdiende rust, na een ononderbroken inzet van 23 jaar op Linkeroever. Een Linkeroever die hij trouwens nog steeds af en toe een helpende hand  reikt.

Reeds op vele vlakken steken de drie parochies de koppen bij mekaar om een eenduidige weg naar de toekomst in te slaan. Er was ondertussen ook, in  samenspraak met het bisdom, een Plaatselijk Contactpersoon aangeduid, met het voornemen deze nieuwe pastorale functie een constant karakter te kunnen geven.

Voor de liturgische vieringen belandt men geruime tijd in een beurtsysteem met vier gastpriesters. De jongste onder hen, Herman Augustyns, wordt de nieuwe pastoor. Het is een zegen voor de geloofsgemeenschap van Linkeroever een nog jonge maar toch al ervaren priester toegewezen  te krijgen om verder te bouwen aan de toekomst, samen met de plaatselijke contactpersoon, de parochiale instanties en verenigingen en een schare gemotiveerde vrijwilligers voor individuele deeltaken.

Spoedig vatten besprekingen aan op diocesaan, dekenaal en locaal  vlak om tot een  officiële hereniging van de drie parochies te komen. In 2006 is dat opzet geklaard met als nieuwe benaming “Parochie Sint-Anna- ten - Drieën”, een welgekozen symboolnaam bij een nieuwe start.
  Sint-Anna-ten-Drieënkerk -  Sint-Anna-ten-Drieënparochie, Antwerpen Linkeroever
Sint-Anna-ten-Drieënkerk -  Sint-Anna-ten-Drieënparochie, Antwerpen Linkeroever
Sint-Anna-ten-Drieënkerk -  Sint-Anna-ten-Drieënparochie, Antwerpen Linkeroever